# Bloembollen woordenlijst: van bolmaat tot verwildering

Bloembollen hebben hun eigen vakjargon, van "bolmaat" tot "verwilderen", dat in veel artikelen terugkomt. Deze woordenlijst is er om snel iets op te zoeken zonder een heel artikel te lezen. Elke term krijgt een korte definitie en een doorlink naar de plek waar hij volledig wordt uitgelegd. Zo begrijp je in één oogopslag wat een term betekent en waar je verder kunt lezen.

## Zo gebruik je deze woordenlijst

De begrippen staan gegroepeerd per thema, zodat je verwante termen makkelijk bij elkaar vindt. Achter veel definities staat een verwijzing naar een artikel waarin het onderwerp uitgebreider aan bod komt.

Gebruik deze lijst als naslagwerk terwijl je andere pagina's leest. Kom je een onbekend woord tegen, dan zoek je het hier op en lees je daarna gericht verder waar je wilt verdiepen.

## Termen over de bol zelf

De meeste bollentermen gaan over de onderdelen van de bol en hoe die is opgebouwd. De onderstaande lijst bevat 8 basistermen over de bouw van bloembollen.

- **Basaalplaat**: de platte onderkant van de bol waaruit de wortels en nieuwe bolletjes groeien. Een gave, stevige basaalplaat is een teken van een gezonde bol.
- **Bolokselbroed**: kleine bolletjes die ontstaan in de oksels tussen de rokken of bladeren. Ze vormen een natuurlijke manier waarop een bol zich vermeerdert.
- **Broedbolletje**: een jong dochterbolletje dat naast de moederbol groeit. Door deze bolletjes los te halen en op te kweken kun je zelf bloembollen [vermeerderen](https://bollanda.nl/verzorging/vermeerderen).
- **Groeipunt**: het puntje bovenin de bol waaruit blad en bloem ontstaan. Bij het planten hoort dit punt altijd naar boven te wijzen.
- **Rok**: een van de vlezige, gelaagde schillen waarin een echte bol zijn reservevoedsel opslaat, zoals bij een tulp of hyacint.
- **Schub**: een losse, vlezige bladbasis die samen de bol vormt bij soorten zonder beschermende huid, zoals de lelie.
- **Tunica**: het dunne, papierachtige bruine vlies dat sommige bollen beschermt tegen uitdrogen en beschadiging. De interne opbouw van een bol staat in de [anatomie van een bloembol](https://bollanda.nl/basis/anatomie) verder uitgewerkt.
- **Wortelkrans**: de zone rond de basaalplaat waar de wortels in een krans tevoorschijn komen.

## Termen over teelt en handel

Rond de kweek en de verkoop van bollen kom je woorden tegen die met het productieproces te maken hebben. De onderstaande lijst bevat 6 termen over de teelt en handel van bloembollen.

- **Bolmaat**: de omtrek van de bol in centimeters, gemeten op het breedste punt. Een grotere [bolmaat](https://bollanda.nl/koopadvies/bolmaat) geeft doorgaans meer en sterkere bloemen.
- **Plantgoed**: de bollen die een teler niet verkoopt maar opnieuw plant om verder op te kweken.
- **Rooien**: het uit de grond halen van bollen na het afsterven van het loof. Hoe je bloembollen [rooit](https://bollanda.nl/bewaren/rooien), hangt af van de soort en het moment.
- **Koppen**: het verwijderen van de uitgebloeide bloemkop, zodat de plant energie in de bol stopt in plaats van in zaad.
- **Kalibreren**: het sorteren van bollen op maat na het rooien, zodat elke verpakking een vergelijkbare bolmaat bevat.
- **Klimaatcel**: een ruimte met gestuurde temperatuur en luchtvochtigheid waarin telers bollen bewaren en de bloei voorbereiden. Het hele traject staat in het artikel over de [teelt van bloembollen](https://bollanda.nl/basis/teelt).

## Termen over classificatie

Op verpakkingen en in catalogi staan termen die aangeven hoe bollen botanisch zijn ingedeeld. De onderstaande lijst bevat 6 termen over de indeling van bloembollen.

- **Cultivar**: een door mensen geselecteerde variëteit met vaste kenmerken, geschreven tussen enkele aanhalingstekens, zoals 'Queen of Night'.
- **Divisie**: een grote groep cultivars binnen een soort met gedeelde kenmerken, het duidelijkst bij de narcis. De manier waarop [bloembollen worden ingedeeld](https://bollanda.nl/basis/classificatie) volgt vaste botanische regels.
- **Groep**: een verzameling cultivars die op uiterlijk of afstamming bij elkaar horen, zoals de Darwinhybride-tulpen.
- **Hybride**: een kruising tussen twee soorten of groepen, die kenmerken van beide ouders combineert.
- **Soort**: de botanische eenheid binnen een geslacht, zoals Tulipa sylvestris binnen het geslacht Tulipa.
- **Variëteit**: een natuurlijke variant binnen een soort die afwijkt in bijvoorbeeld kleur of vorm.

## Termen over verzorging en verwildering

Bij het verzorgen van bollen in de tuin kom je begrippen tegen die over groei en terugkeer gaan. De onderstaande lijst bevat 4 termen over de verzorging en verwildering van bloembollen.

- **Vernalisatie**: de koudeperiode die een bol nodig heeft om tot bloei te komen. Deze trigger hoort bij de natuurlijke [levenscyclus van een bloembol](https://bollanda.nl/basis/levenscyclus).
- **Verwilderen**: het verschijnsel dat bollen jaar na jaar terugkomen en zichzelf uitbreiden tot grotere groepen. Welke soorten geschikt zijn voor [verwilderen](https://bollanda.nl/tuinontwerp/verwilderen), hangt af van standplaats en soort.
- **Naturaliseren**: een ander woord voor verwilderen, waarbij de bollen zich vanzelf vestigen alsof ze er van nature groeien.
- **Sortimentvernieuwing**: het regelmatig vervangen of aanvullen van bollen om een border vol en gevarieerd te houden.

## Termen over problemen

Bij ziekten, plagen en preventie duiken vaktermen op die het begrijpen van adviezen makkelijker maken. De onderstaande lijst bevat 4 termen over problemen bij bloembollen.

- **Sclerotie**: een hard, ruststructuurtje van een schimmel dat jarenlang in de grond kan overleven. Sommige [ziekten bij bloembollen](https://bollanda.nl/probleem/ziekte) verspreiden zich juist via deze sclerotiën.
- **Virussymptoom**: een zichtbaar teken van een virus, zoals strepen of vlekken op blad en bloem.
- **Vruchtwisseling**: het bewust afwisselen van plantplekken, zodat bodempathogenen niet jarenlang op dezelfde plek opbouwen.
- **Sanitatie**: het opruimen en weghalen van zieke plantenresten om verdere verspreiding van ziekten te voorkomen.

## Termen over toepassing en broeien

Wanneer je bollen op bijzondere manieren gebruikt, gelden eigen termen voor die technieken. De onderstaande lijst bevat 4 termen over de toepassing van bloembollen.

- **Forceren**: het kunstmatig vervroegen van de bloei door een bol gecontroleerd koude en daarna warmte te geven.
- **Broeien**: het binnenshuis tot bloei brengen van bollen buiten hun normale seizoen. Hoe je bloembollen [broeit](https://bollanda.nl/locatie/binnen/broeien), hangt af van de soort en de koudeperiode.
- **Lasagneplanten**: het in lagen planten van verschillende bollen in één pot voor een lange bloei. Het principe van [lasagneplanten](https://bollanda.nl/tuinontwerp/lasagne) werkt door vroege en late soorten te combineren.
- **Stinzenplant**: een verwilderde bol- of knolplant die van oudsher rond buitenplaatsen en oude tuinen groeit. De achtergrond van de [stinzenplant](https://bollanda.nl/geschiedenis/stinzenplant) is cultuurhistorisch interessant.

## Termen over keurmerken en kwaliteit

Keurmerken en afkortingen op verpakkingen zeggen iets over de herkomst en kwaliteit van bollen. De onderstaande lijst bevat 5 termen over keurmerken bij bloembollen.

- **AGM**: de Award of Garden Merit van de RHS, een onderscheiding voor planten die in de tuin betrouwbaar presteren.
- **BKD**: de Bloembollenkeuringsdienst, die in Nederland bollen keurt en het plantenpaspoort verzorgt. Deze en andere [keurmerken](https://bollanda.nl/koopadvies/keurmerk) geven houvast bij de aankoop van bollen.
- **MPS**: een certificaat dat de milieubelasting van een teler meet en zo duurzaamheid aangeeft.
- **Skal**: de organisatie die in Nederland de biologische teelt controleert en certificeert. Het verschil tussen [duurzaam en biologisch](https://bollanda.nl/biologisch/duurzaam-vs-bio) wordt daar verder uitgelegd.
- **SKBH**: het keurmerk van de Stichting Keurmerk Bloembollen Holland, dat gezondheid, rasechtheid en een minimummaat garandeert.
