# Anemoon verzorgen: van bloei tot rust

Anemoon verzorgen vraagt om maatwerk, want de drie tuinsoorten hebben elk hun eigen behoeften. Anemone blanda en de bosanemoon (A. nemorosa) blijven jarenlang staan, terwijl de kroonanemoon (A. coronaria) in ons klimaat gerooid moet worden. Snoeien en water geven veroorzaken de meeste fouten, dus daar besteden we extra aandacht aan. Na het lezen weet je precies hoe je elke anemoon-soort gezond door het jaar helpt.

## Snoeien en uitgebloeide bloemen

Snoeien is bij anemoon geen kwestie van één regel, maar hangt af van wat je met de plant wilt bereiken. Bij verwilderaars laat je veel staan, terwijl je bij de kroonanemoon juist actief ingrijpt om de bloei te verlengen.

### Blanda en nemorosa: laten staan of niet?

Bij A. blanda en de bosanemoon knip je uitgebloeide bloemen niet weg als je verwildering nastreeft. Vooral A. blanda zaait zich graag uit, en die zelfuitzaai is een van de redenen dat de plant zich na een paar jaar tot een tapijt ontwikkelt. Laat de bloemen dus rustig zaad zetten als je een dichtere mat wilt.

Wil je verwilderen, dan stem je ook het maaibeheer daarop af. Bij A. blanda maai of ruim je het loof pas ongeveer zes weken na de bloei op, omstreeks eind mei. Bij de bosanemoon wacht je zes tot acht weken; het blad sterft doorgaans medio juni vanzelf af.

### Coronaria: snijden bevordert bloei

De kroonanemoon reageert juist positief op snoeien. Snij uitgebloeide stelen aan de basis af, want dat stimuleert de plant om nieuwe knoppen te vormen en verlengt de bloeiperiode aanzienlijk. Bij A. coronaria loont het dus om regelmatig langs te lopen en uitgebloeide bloemen weg te halen.

Deze soort is ook een uitstekende snijbloem, dus je kunt het snijden combineren met het oogsten voor de vaas. Wie meer wil weten over [anemoon als snijbloem](https://bollanda.nl/bolsoort/anemone/snijbloem), vindt daar het juiste oogstmoment en de kraagtest.

### Loof laten afsterven

Bij alle drie de soorten geldt dat je het loof niet vroegtijdig wegknipt. Het blad voert via fotosynthese reservevoeding terug naar de knol of wortelstok, en dat bepaalt de bloei van volgend jaar. Het [loof laten afsterven](https://bollanda.nl/verzorging/loof) is dus geen luiheid, maar noodzaak.

Wacht tot het blad vanzelf vergeelt en verwelkt voor je het verwijdert. Dit principe verklaart waarom je gras met verwilderde anemonen pas laat in het voorjaar mag maaien.

## Water geven verschilt per soort

De vochtbehoefte loopt bij anemoon sterk uiteen, en hier gaat het vaak mis. De juiste [watergift](https://bollanda.nl/verzorging/water) hangt volledig af van welke soort je in de grond hebt en in welke groeifase die zich bevindt.

### Blanda: droogtetolerant

A. blanda is na vestiging goed bestand tegen droogte. Je geeft alleen extra water bij langdurige droogte (meer dan twee tot drie weken) tijdens het groeiseizoen in februari tot mei. In de zomerrust geef je geen water; de Nederlandse neerslag is doorgaans ruim voldoende.

### Coronaria: droog in rust

De kroonanemoon wil tijdens groei en bloei matig vochtig staan, maar moet in de zomerrust absoluut droog blijven. Natte grond in de rustperiode veroorzaakt knolrot, en juist daarom is een goede drainage essentieel. In ons klimaat vormen natte winters het grootste risico voor deze soort.

### Nemorosa: altijd vochtig

De bosanemoon vraagt het tegenovergestelde: houd de grond consistent vochtig en laat de wortelstokken nooit uitdrogen. Mulchen met bladaarde helpt het vochtniveau vast te houden en bootst de bosbodem na. Ook in de zomerrust mag de grond niet kurkdroog worden, zelfs al is de plant dan bovengronds verdwenen.

## Anemoon bemesten

Anemoon is geen zware eter, maar een gerichte voeding ondersteunt de knopvorming en het herstel na de bloei. De algemene principes van [bemesten](https://bollanda.nl/verzorging) gelden ook hier: kalium is belangrijker dan stikstof, en je geeft nooit kunstmest direct bij de knol.

### Schema per groeifase

Anemoon heeft een lage tot middelhoge stikstofbehoefte, een middelhoge fosfor- en kaliumbehoefte en een streef-pH van 6,0 tot 7,0. Te veel stikstof leidt tot slap blad en een verhoogd risico op schimmel. De onderstaande tabel toont het bemestingsschema voor anemoon per groeifase.

| Groeifase     | Meststof                                    | Dosering                                             |
| ------------- | ------------------------------------------- | ---------------------------------------------------- |
| Bij planten   | Compost of koemestkorrels; evt. vinassekali | Compost: 3 - 5 kg/m²; koemestkorrels: 100 - 150 g/m² |
| Vroege groei  | NPK 7-14-28 of 12-10-18 (chloorarm)         | 50 - 80 g/m²                                         |
| Knopaanleg    | NPK 7-14-28 of patentkali (0-0-30 +10MgO)   | NPK: 30 - 50 g/m²; patentkali: 40 - 60 g/m²          |
| Tijdens bloei | Niet bemesten of licht kalium               | Max. 2 - 3 ml/l, 1x gieten                           |
| Na bloei      | NPK 7-14-28 of vinassekali, geen stikstof   | NPK: 50 - 80 g/m²; vinassekali: 60 - 100 g/m²        |

Geef de bemesting nooit tijdens de rustperiode, want dan zijn er geen actieve wortels en stijgt het risico op zoutschade. Welke [meststof](https://bollanda.nl/verzorging/bemesting/meststof) je kiest, maakt minder uit dan het moment en de kaliumnadruk.

### Verwilderaars hebben weinig nodig

Verwilderingsbollen als A. blanda en de bosanemoon hebben aan een minimale voeding genoeg. Een jaarlijkse lichte compostgift volstaat om de bodem op peil te houden. De bosanemoon verdraagt bovendien een iets zuurdere bosbodem, dus extra kalk is hier niet nodig.

## Rooien of laten staan?

De rooien-of-niet-beslissing volgt direct uit de winterhardheid van elke soort. Het [na-bloei-traject](https://bollanda.nl/verzorging/na-bloei) verschilt daardoor fundamenteel tussen de drie anemonen.

A. blanda laat je gewoon zitten, want de soort is winterhard (zone 5 tot 9) en verwildert vanzelf. Ook de bosanemoon blijft staan: die is volledig winterhard (zone 3 tot 8) en je graaft hem hooguit op voor vermeerdering of verplaatsing. Wil je zelf vermeerderen, dan lees je hoe dat per soort werkt bij het [vermeerderen van anemoon](https://bollanda.nl/bolsoort/anemone/vermeerderen).

### Coronaria rooien is verplicht in Nederland

De kroonanemoon is niet voldoende winterhard voor ons klimaat (beneden ongeveer -6,5 °C) en rot weg in natte winters. Daarom is het [rooien](https://bollanda.nl/bewaren/rooien) van deze soort in Nederland verplicht, doorgaans na het afsterven van het blad in augustus of september. Een alternatief is de knollen in pot vorstvrij binnen te overwinteren.

Graaf de knollen voorzichtig op en laat ze een tot twee weken drogen op een warme, geventileerde plek voor je ze opbergt. Bewaar ze koel (10 tot 15 °C) en vorstvrij, want te warm of te nat overwinteren is de meest gemaakte fout bij deze soort.

## Werken met handschoenen

Alle delen van de anemoon bevatten protoanemonine, een stof die vrijkomt uit ranunculine in vers plantensap. Dit sap werkt blaartrekkend en kan contactdermatitis veroorzaken, dus draag handschoenen bij het verzorgen.

De voorzorg is vooral van belang bij het scheiden van wortelstokken bij de bosanemoon en bij het snijden van stelen bij de kroonanemoon. Protoanemonine breekt af bij drogen, waardoor gedroogde plantendelen aanzienlijk minder irriterend zijn dan verse.

## Veelgemaakte verzorgingsfouten

De meeste teleurstellingen bij anemoon komen voort uit een paar vermijdbare fouten. De onderstaande lijst bevat de 3 meest voorkomende verzorgingsfouten bij anemoon.

- **Te warm of te nat overwinteren**: gerooide kroonanemoon-knollen rotten of verschrompelen bij verkeerde bewaaromstandigheden.
- **Loof te vroeg afknippen**: vlak na de bloei wegknippen verzwakt de knolvorming en kost je de bloei van volgend jaar.
- **Wortelstokken laten uitdrogen**: bij het verplanten van de bosanemoon is uitdroging dodelijk, dus plant direct of houd de rhizomen vochtig.

Wie last krijgt van zwartsnot, slakken of een anemoon die niet wil bloeien, vindt de oorzaken en oplossingen bij de [problemen met anemoon](https://bollanda.nl/bolsoort/anemone/probleem). Veel klachten zijn met de juiste verzorging eenvoudig te voorkomen.
