# Tulpen vermeerderen: klisters opkweken en zaaien

> **Kernpunten**
> - Een tulpenbol onder 6 cm omtrek bloeit niet, en dat bepaalt alles aan zelf vermeerderen.
> - De moederbol valt na de bloei uiteen in een krans klisters van wisselende maat, die je bij het rooien sorteert.
> - Bollen vanaf 11 tot 12 cm omtrek gaan terug de border in, kleinere naar een apart kweekbed.
> - Opkweken tot bloeimaat duurt twee tot drie jaar, met jaarlijks rooien en opnieuw sorteren.
> - Zaaien werkt alleen bij botanische tulpen en duurt vier tot zeven jaar tot de eerste bloei.

Een tulpenbol onder 6 cm omtrek bloeit niet. Die grens bepaalt alles aan zelf vermeerderen, want de moederbol valt na de bloei uiteen in een krans klisters van wisselende maat, en de kleine daarvan hebben twee tot drie jaar opkweek nodig voordat er een bloem uit komt. Voor een gewone hybride weegt dat zelden op tegen een verse bol uit de handel. Voor een cultivar die je niet meer koopt en voor botanische tulpen wel, en dan is dit de route.

## Twee manieren om tulpen te vermeerderen

Voor de tuinier zijn er twee routes, en ze doen iets heel verschillends. Klisters opkweken levert een exacte kopie van de moederplant en werkt bij elke tulp. Zaaien levert dat juist niet en is alleen zinvol bij botanische soorten.

Beide routes vragen jaren. Dat is geen slordigheid in de methode maar een eigenschap van het gewas: een tulp bouwt zijn bloembol op uit reserves die het blad in één seizoen kan maken, en dat gaat maar zo snel. Hoe dat bij bolgewassen in het algemeen werkt, staat bij het [vermeerderen van bollen en knollen](https://bollanda.nl/verzorging/vermeerderen).

## Klisters scheiden en sorteren op maat

De moederbol overleeft zijn eigen bloei niet. Hij put zich uit en valt uiteen in een krans dochterbollen, de klisters, die in maat sterk uiteenlopen: één of twee grote naast een handvol kleintjes. Bij het rooien in juni of juli, zodra het loof geel is, haal je die krans uit de grond en valt hij vanzelf uit elkaar.

Het rooien en drogen zelf werkt hetzelfde als bij een gewone partij en staat bij het [rooien en bewaren van tulpenbollen](https://bollanda.nl/bolsoort/tulipa/bewaren). Wat hier bij komt, is de sortering.

### De grens van 6 cm omtrek

Bolmaat is bij tulpen de omtrek in centimeters op het breedste punt, niet de doorsnede. Onder 6 cm omtrek zit er te weinig reserve in de bol om een bloem aan te leggen, en dan krijg je alleen blad. Dat is geen kwestie van beter verzorgen: de bol moet eerst groter.

Meet de klisters dus voordat je ze wegzet. Een bandje van een centimeter of een sorteerring werkt sneller dan schatten, en het scheelt een teleurstelling in het voorjaar.

### Welke bollen terug de border in gaan

Klisters vanaf 11 tot 12 cm omtrek zijn bloeibaar en kunnen in het najaar gewoon weer op hun plek. Alles daaronder gaat naar het kweekbed. De diepte, afstand en standplaats voor die bloeibare bollen zijn dezelfde als altijd en staan bij het [planten van tulpen](https://bollanda.nl/bolsoort/tulipa/planten).

Twijfel je bij een bol tussen 8 en 11 cm, plant hem dan in het kweekbed en niet in de border. Hij bloeit misschien, maar zwak, en die halve bloei kost hem het jaar groei dat hij nodig heeft.

## Klisters opkweken tot bloeimaat

Een kweekbed is niets bijzonders: een strook grond of een diepe bak, doorlatend, zonnig, en apart van de border zodat je er jaarlijks in kunt zonder iets anders te verstoren. De bedoeling is niet dat er iets bloeit, maar dat elke bol zo veel mogelijk blad maakt.

### Het kweekbed en de jaarlijkse sortering

Plant de klisters ondiep, op ongeveer twee keer hun eigen hoogte, en zet ze ruim uit elkaar zodat elk blad vol licht krijgt. Geef ze in het voorjaar een lichte gift kaliumrijke mest zodra het blad boven staat.

Elk jaar herhaal je dezelfde cyclus: rooien in juni of juli, drogen, opnieuw meten, en de bollen die de grens gepasseerd zijn naar de border verplaatsen. De rest gaat terug het kweekbed in. Verschijnt er toch een knop, knip die dan weg voordat hij opengaat, want bloeien kost precies de reserve die je wilt opbouwen.

### Twee tot drie jaar en wat dat oplevert

Van een klister van 5 tot 6 cm naar bloeimaat duurt twee tot drie jaar bij goede groei, en langer op zware of schaduwrijke grond. In dezelfde periode maakt elke opgekweekte bol zelf ook weer klisters, dus het aantal groeit ondertussen door. Wat er in die jaren in de bol gebeurt, volgt de [levenscyclus van een tulp](https://bollanda.nl/basis/levenscyclus) van blad naar reserve naar bloem.

Reken op uitval. Een deel van de kleinste klisters haalt het niet, en dat is normaal.

## Wanneer opkweken loont en wanneer niet

Reken het door voordat je begint. Een gangbare hybride kost per bol weinig, en drie jaar kweekbed voor een handvol bollen van een cultivar die overal ligt, is een dure manier om iets goedkoops te krijgen.

Het loont in drie gevallen: bij een cultivar die uit de handel is en die je wilt houden, bij een dure of zeldzame bol waarvan je er meer wilt, en bij botanische tulpen, die zich toch al meerjarig gedragen. Wat een verse bol in maat 12 en groter kost en waarom die maat de standaard is, staat bij [de bolmaat van tulpen](https://bollanda.nl/bolsoort/tulipa/koopgids).

Verwar dit trouwens niet met de vraag of tulpen vanzelf terugkomen. Dat is een andere kwestie, met een ander antwoord, en die staat bij [bloembollen die jaarlijks terugkeren](https://bollanda.nl/verzorging/meerjarig).

Zo doet de handel het overigens ook. Kwekers werken met dezelfde klisters, maar op hectares en met strenge machinale sortering per maat. Dat schaalvoordeel is precies de reden dat een handelsbol zo goedkoop kan zijn en dat zelf opkweken zelden uit de kosten komt.

## Zaaien bij botanische tulpen

Zaaien is de tweede route en die geeft geen kopie. Een zaailing combineert de eigenschappen van beide ouders opnieuw, dus de cultivarnaam vervalt en het resultaat is onvoorspelbaar. Bij een hybride is dat een reden om het niet te doen; waarom een cultivar juist vegetatief in stand blijft, legt de [indeling in soorten en cultivars](https://bollanda.nl/basis/classificatie) uit.

Bij botanische tulpen ligt het anders, want daar is de soort zelf de vorm die je wilt en zijn zaailingen redelijk gelijk aan de ouder. Oogst het zaad uit de doosvrucht zodra die openbarst, zaai vers in het najaar in een bak buiten, en laat de winterkou het kiemremmende mechanisme breken. Reken op vier tot zeven jaar tot de eerste bloei.

Niet elke botanische tulp heeft daar overigens zaad voor nodig. De [bostulp met zijn ondergrondse uitlopers](https://bollanda.nl/bolsoort/tulipa/assortiment/botanisch/sylvestris) breidt zich zijwaarts uit met bolletjes aan stolonen, en vormt zo vanzelf een steeds bredere groep. Dat is een derde, vegetatieve route naast klisters en zaad, en de enige die geen werk kost: laat de pol met rust en hij doet het zelf. Welke soorten het wel van zaad moeten hebben, staat bij [de botanische tulpen](https://bollanda.nl/bolsoort/tulipa/assortiment/botanisch).

## Nooit vermeerderen vanaf een zieke partij

Vermeerderen vermenigvuldigt niet alleen bollen maar ook wat erin zit. Twee ziekten maken dat concreet: zuur (*Fusarium oxysporum*) en vuur (*Botrytis tulipae*). Beide zitten in of op de bol, beide overleven de bewaarperiode, en beide verspreiden zich in een kweekbed sneller dan in een border omdat de bollen daar dicht op elkaar staan.

Kweek daarom nooit op vanaf een partij waarin je zachte, bruine of beschimmelde bollen bent tegengekomen, ook niet vanaf de gezond ogende bollen ernaast. Ontsmet je mes en je sorteerbakken tussen partijen door. Hoe je die twee ziekten herkent en wat je verder doet, staat bij [ziekten en problemen bij tulpen](https://bollanda.nl/bolsoort/tulipa/probleem).
